Light Consult
Evolis 100
B-8500 Kortrijk
T +32 (0)56 980 187
Turn on Javascript!

Efficiënte en kwaliteitsvolle industriële verlichting

23-02-2021

Onze klanten zijn voor 99% B-to-B, van de huis-tuin-en-keukeninstallateur tot grote installatiebedrijven die voor hun projecten een beroep doen op onze expertise. Grasduin maar eens door onze realisaties om hier een beeld van te krijgen. Naast projecten in de retail en het kantoorwezen, allemaal met hun eigen specifieke accenten, realiseren we ook industrieprojecten. We merken dat er veel vraag is naar efficiënte, kwaliteitsvolle verlichting in de industrie. Daarom vinden we het belangrijk om hier extra aandacht aan te besteden. Vandaar dus deze blog over industriële verlichting! 😉

In den beginne was er… de audit

Om te beginnen moeten we verduidelijken wat we verstaan onder ‘industriële verlichting’. Hieronder vallen 3 deelgebieden:

  • Logistiek: magazijnen etc.
  • Werkplaatsen: ateliers voor handenarbeid, garages etc.
  • Productiehallen: focus op basisproducten (nog geen eindproducten), hoofdzakelijk met machines

Elk industrieel verlichtingsproject heeft eigen noden. Daarom starten we altijd met een grondige audit, zowel bij bestaande gebouwen als nieuwbouwprojecten. Hierbij brengen we een aantal aspecten in kaart zodat we een efficiënt lichtplan kunnen opstellen dat een oplossing biedt op lange termijn.

1. Verwachtingen en noden van de klant en de gebruiker(s)

      Wanneer een gebouw bestemd is voor verhuur, zijn de verwachtingen van de gebruiker meestal onbekend. Dit leidt (helaas) vaak tot een ‘mismatch’ tussen de voorziene verlichting en de wensen van de gebruiker.

      2. De verschillende lichtniveaus volgens toepassing en volgens de Europese Verlichtingsnorm

          Nemen we de Europese Verlichtingsnorm als basis of gaan we hem overstijgen om extra comfort te genereren? De norm bepaalt bijvoorbeeld dat er in een magazijn 200 lux moet zijn. Maar in de praktijk blijkt soms tot 800 lux nodig, afhankelijk van welke rekken en machines zich in de ruimte bevinden en het werk dat er gebeurt. In de nieuwe Europese Verlichtingsnorm ‘prEN 12464-1(2019)’, die momenteel nog in opmaak is, zijn strengere normen voorzien inzake werkplekverlichting in de industrie met taakvlakken en randzones.

          3. Flexibele verlichting

            Moet er flexibiliteit ingebouwd worden in het lichtconcept? Soms moeten verlichtingszones bijvoorbeeld aangepast worden volgens de seizoenen of als gevolg van productiewijzigingen.

            4. Kleur, textuur en inrichting

              Zijn de kleuren, texturen en inrichting gekend van de ruimte(s) die verlicht moet(en) worden? Zo ja, dan zijn dit zaken die we meenemen bij het ontwerpen van de lichtinstallatie. Om de lichtwaarde correct te berekenen, houden we rekening met de inrichting (meubilair etc) en de kleuren.

              5. Verbruik, vermogen en inschakelstromen

                Kiezen we voor het laagste verbruik of geven we de voorkeur aan comfort? Hoe efficiënt zijn de verlichtingstoestellen en wat is hun werkelijke netto-output? Vandaag geven veel fabrikanten immers een lumenwaarde aan die niet de werkelijke output is. Bij grote installaties nemen we ook de inschakelstromen onder de loep, en de afgestemde bekabeling volgens de afstand. Het werkelijk vermogen en inschakelstroom zijn 2 verschillende zaken, die we elk afzonderlijk goed moeten bekijken.

                6. Lichtbeeld en verblinding

                  Het is belangrijk dat de verlichting afgestemd is op het gebruik in een concrete industriële omgeving. Er bestaan bijvoorbeeld specifieke lenzen om smalle, hoge gangen te verlichten. Soms opteert men voor minder toestellen met een hoger vermogen om te besparen op de investering. Maar hier treedt vaak verblinding op, wat niet aangenaam is voor de gebruikers. Met een goed afgestemde lens bekomen we een egaal lichtbeeld, dat zowel horizontaal als verticaal de perfecte oplossing biedt volgens de noden van de gebruikers.

                  7. Veiligheid van de gebruikers

                    In industriële omgevingen komt veiligheid op de eerste plaats. We zorgen dat obstakels, kleuren en contrasten duidelijk zichtbaar zijn, op elk moment en vanuit alle invalshoeken.

                    8. Onderhoud en duurzaamheid

                      Zijn de verlichtingstoestellen makkelijk te reinigen? Kunnen ze vervangen worden bij een storing of panne? Met welke omgevingsfactoren moeten we rekening houden (bv. zuurdampen, HACCP-hygiënenorm in de voedingsindustrie)?

                      9. Trilling in het licht

                        Onzichtbare trilling in het licht (vaak van goedkopere toestellen) kan vermoeide ogen, hoofdpijn, epileptische aanvallen en depressieve gevoelens in de hand werken. Draaiende objecten of toestellen kunnen ook schijnbaar stilstaan door trilling (flicker) in het licht. Vandaag zijn machines goed beveiligd, maar voorkomen is sowieso beter dan genezen.

                        10. Aansturing en monitoring

                          We opteren alsmaar meer voor centraal aangestuurde, slimme verlichting (smart lighting). Dit betekent dat de verschillende sensoren (beweging, aan- en afwezigheid, temperatuur, tijdstip van de dag, daglicht etc) goed ingesteld/afgestemd worden en met elkaar geconnecteerd zijn volgens het ‘Internet of Things’ principe. Hier zijn verschillende oplossingen voor volgens het beschikbare budget. Alsmaar meer aansturingssystemen zijn draadloos en werken in de cloud. Er bestaan ook armaturen met ingebouwde sensors, zelfs voor CO2-meting en geofencing. Centraal aangestuurde verlichting verhoogt het gebruikscomfort, geeft meer controle over het verbruik en optimaliseert de levensduur van de verlichtingstoestellen. Een bijkomend monitoringsysteem geeft bovendien fouten/storingen aan. Hierdoor kan er snel actie ondernomen worden om de verlichting optimaal te houden.

                          11. Kleurweergave

                            Algemeen kunnen we stellen dat een betere kleurweergave leidt tot een lager rendement. Daarom wordt in de industriële sector vaak gekozen voor een lagere kleurweergave en een hogere kelvinwaarde, met het oog op een beter rendement.* Kleurweergave is ook opgenomen in de nieuwe Europese Verlichtingsnorm dus hier moet sowieso rekening mee gehouden worden. In bepaalde sectoren is de kleurweergave cruciaal bij de controle van productiefouten of de eindcontrole. Meestal wordt hier een afzonderlijke testzone voor voorzien.

                            *Het menselijk oog is gevoelig voor hogere kleurtemperaturen, waardoor het lijkt alsof we beter/meer zien. Voor een betere kleurweergave wordt er meer fosfor gebruikt. Hierdoor daalt het rendement echter. Als we dus een lagere kleurwaarde combineren met een hogere kleurtemperatuur, krijgen we meer rendement en een betere perceptie van de lichtsterkte.

                            12. Noodverlichting

                              Dit omvat de vluchtweg en de evacuatieverlichting. Bepaalde zones met een verhoogd risico op noodgevallen hebben extra aandacht nodig op vlak van noodverlichting. Er is keuze uit centrale en decentrale noodverlichting. Centraal betekent dat alle toestellen verbonden zijn met één centrale noodbatterij. Bij decentrale noodverlichting is elk toestel voorzien van een eigen noodbatterij. In elk geval moet het een systeem zijn dat vlot te monitoren is, bijvoorbeeld op vlak van onderhoud en rapportering naar de brandweer.

                              Relamping, refitting of relighting?

                              In bestaande gebouwen zijn er 3 manieren om de verlichting te optimaliseren:

                              1. Relamping of retrofit

                                Vaak kiest men om nieuwe lampen in de bestaande verlichtingstoestellen te steken. Het lijkt de eenvoudigste oplossing maar op licht-technisch vlak is het niet zo interessant. Ten eerste omdat het toestel meestal elektrisch moet aangepast worden, waardoor het niet meer in zijn originele staat is en dus niet meer gekeurd. Het nieuwe lichtbeeld komt ook niet meer overeen met het oorspronkelijke – soms is het resultaat beter, meestal slechter. Wij doen enkel relamping bij verlichting met weinig branduren en als de investering laag moet zijn. Op vlak van duurzaamheid is het zeker niet de beste oplossing.

                                2. Refitting

                                  Nieuwe armaturen en lampen worden voorzien op dezelfde locaties en op basis van de bestaande bedrading. Als de armaturen op de juiste plaatsen geïnstalleerd worden, is dit een goede oplossing, die een grote meerwaarde oplevert met slechts enkele aanpassingen. Een terugkerend probleem is dat de bekabeling niet aangepast is aan de aansturing. Gelukkig zijn er voldoende draadloze systemen die dit kunnen oplossen.

                                  3. Relighting

                                    Het ideale scenario: een volledig nieuwe installatie en bekabeling in een bestaande situatie. De aanpak is dezelfde als bij een nieuwe installatie, d.w.z. we starten vanaf nul.

                                    Andere aandachtspunten bij industriële verlichting

                                    Naast de audit (zie hierboven) zijn er nog een aantal factoren waar je rekening mee moet houden bij het verlichtingsproject.

                                    Installatiegemak

                                    De installatie van de verlichting moet bekeken worden in functie van de mogelijkheden. Soms is het beter om meer te betalen voor een kwaliteitsvol armatuur en te besparen op de installatiekost, of om de installatie sneller te laten verlopen zodat de productie minder lang stil ligt.

                                    Ergonomie

                                    Verlichting en menselijk welzijn gaan hand in hand. Het is goed om zoveel mogelijk rekening te houden met de verschillende aspecten van Integrative Lighting (de nieuwe benaming voor Human Centric Lighting). Zo vermijd je dat mensen op de werkvloer last krijgen van vermoeide ogen, hoofdpijn of concentratiestoornissen door te weinig/te veel licht of verblinding.

                                    Esthetica en uitstraling van het bedrijf

                                    De verlichting en het lichtbeeld moeten goed passen bij de afwerking van het gebouw. Dit is goed voor de uitstraling van het bedrijf, zowel naar eigen werknemers als naar klanten toe.

                                    Keuringen en premies

                                    Het is belangrijk om na te gaan of er bepaalde keuringen vereist zijn voor de verlichting (bv. ENEC, KEMA,...) en of je in aanmerking komt voor een relighting premie (REG-premies van de Vlaamse Overheid).

                                    Behoud van rendement en duurzaamheid

                                    De Life Time Maintenance Factor (LTMF) geeft aan hoelang een verlichtingstoestel zijn rendement behoudt en wat de verwachte uitval is. In het verlichtingsontwerp moet rekening gehouden worden met deze factor. Het is ook belangrijk om de armaturen af te stemmen op het aantal geschatte branduren. Duurzaamheid is nog zo’n belangrijk aspect. Verlichting moet niet enkel efficiënt zijn, maar ook vlot herstelbaar bij mogelijke defecten én op lange termijn recupereer baar.

                                    Commissioning

                                    Om het geheel van de verlichting en de sensoren goed met elkaar te elkaar te laten werken, is het belangrijk dat de aansturing van de verlichting en de diverse sensoren goed afgestemd worden op elkaar. Dit gebeurt door een persoon die alles technisch in verbinding stelt.

                                    Garantie en nalevering

                                    Er bestaan wettelijke en commerciële garanties. Bekijk de mogelijkheden en stel kritische vragen:

                                    • Wat is de garantie waard en wat houdt ze precies in?
                                    • Wat is de waarde van het bedrijf dat de garantie(s) geeft?
                                    • Zijn er beperkingen op vlak van gebruik (branduren)?
                                    • Zijn de herstellingskosten inbegrepen in de vervanging/herstelling?
                                    • Hoelang kan de leverancier bepaalde onderdelen naleveren?

                                    Houd er rekening mee dat garanties een invloed hebben op de prijs.

                                    Optionele functies

                                    Naast noodverlichting kunnen geluid (muziek en oproepsystemen), camera’s en wi-fi points geïntegreerd worden in verlichtingsarmaturen. Opties zijn ‘nice to have’ maar ze hebben een prijs. Maak goed de afweging of ze effectief noodzakelijk zijn.

                                    Financieel overzicht

                                    Als je investeert in verlichting, is het goed om een financieel overzicht te maken van alle kostenaspecten: armaturen, (besparing op) onderhoud, installatie… Ook de besparing op ziekteverzuim kan hier in rekening gebracht worden. De investering kan ook gebeuren door middel van leasing of via LAAS (Light as a Service)

                                    Nameting en controle na installatie

                                    Na de installatie van de verlichting moet er een controle gebeuren. Die gaat na of de armaturen efficiënt werken en of het behaalde lichtniveau overeenstemt met het berekende. Ten slotte worden de technische fiches en de meetstaat verzameld, en wordt het project digitaal geïnventariseerd na de uitvoering (‘as-built dossier’).